De (on)mogelijkheden van huisvesting van arbeidsmigranten

De (on)mogelijkheden van huisvesting van arbeidsmigranten 150 150 Solange Drieshen

De (on)mogelijkheden van huisvesting van arbeidsmigranten

Deze maand publiceerde de Rabobank opnieuw het jaarlijkse Vastgoedbericht. En wat blijkt, de cijfers liegen er niet om. De schattingen van de leegstand van vastgoed (excl. de woningmarkt) in Nederland lopen uiteen van 40 tot 75 miljoen m2. De Rabobank vatte de situatie in de Nederlandse vastgoedmarkt als volgt samen: “Grote tekorten aan betaalbare woningen en tegelijkertijd nog steeds een flinke leegstand in de andere vastgoeddeelmarkten”.

Deze zelfde maand kopte onder andere de Volkskrant dat gemeenten Poolse en Roemeense arbeidsmigranten gaan weren om overlast te beperken. Hier werd voornamelijk gedoeld op het weren van arbeidsmigranten uit goedkope woningen in woonwijken.

De verwachting is dat door de aantrekkende economie het aantal Oost-Europese arbeidsmigranten de komende jaren zal blijven groeien. Deze groei, de krapte op de woningmarkt en de strenge maatregelen van de gemeenten maakt het huisvestingstekort voor arbeidsmigranten een groot probleem. Een grote leegstand aan vastgoed aldus de Rabobank en een huisvestingstekort voor de Oost-Europese arbeidsmigranten aldus de Volkskrant.

Oplossing

Beide berichten lijken over en weer een oplossing voor elkaars problematiek te bieden. Momenteel worden al woningen gerealiseerd voor (tijdelijke) arbeidsmigranten in bijvoorbeeld bedrijfspanden om leegstand van vastgoed tegen te gaan. Een mogelijkheid die op veel grotere schaal benut zou kunnen worden.  Uiteraard is dit makkelijker gezegd dan gedaan. De praktijk wijs  uit dat gemeenten veelal een strikt beleid voeren daar waar het gaat om het huisvesten van arbeidsmigranten. Dit onder andere om te voorkomen dat de huisvesting van de arbeidsmigranten negatieve gevolgen heeft voor de omgeving. Ook is het zo dat de locaties voor de arbeidsmigranten zelf een goed woon- en leefklimaat moeten bieden.

Een omgevingsvergunning moet aangevraagd worden bij een bestuursorgaan. Bij de beoordeling van zo’n vergunningaanvraag is van belang wat de omgevingseffecten van de huisvesting zullen zijn. Een omgevingsvergunning zal worden verleend als een goede ruimtelijke onderbouwing daaraan ten grondslag ligt. Ten behoeve daarvan zal grondig onderzoek worden verricht, in veel gevallen zowel door de vergunningaanvrager als de vergunningverlener (hetbestuursorgaan). Aspecten als verkeer, parkeren, geluid, brandveiligheid en overige omgevingsaspecten worden in dat geval uitvoerig onderzocht.

Een en ander valt en staat natuurlijk allereerst met de mogelijkheden die het bestemmingsplan – en overig plaatselijk dan wel regionaal beleid – biedt.  Laat u zich echter vooral niet weerhouden om plannen om arbeidsmigranten te huisvesten concreet te maken. Transparantie en contact met de gemeenten zijn vaak de eerste belangrijke stappen.

Niet alleen is de huisvesting een hot topic in het nieuws maar ook in de rechtspraak! Borg advocaten houdt deze ontwikkelingen voor u bij.

Dit artikel is geschreven door mr. Solange Drieshen en is gepubliceerd in het vakblad Bedrijfsgoed d.d. 25 april 2018 | Jaargang 6 | Nummer2

Huisvesting bestuursrecht

 

 

 

 

 

Solange Drieshen

Advocaat bestuursrecht