MiFID II: wordt uw beleggingsadvies straks geschikt verklaard?

MiFID II: wordt uw beleggingsadvies straks geschikt verklaard? 1955 3000 Pieter Huisman

Met de verplichte geschiktheidsverklaring legt de beleggingsadviseur voor de belegger zichtbaar vast hoe hij/zij te werk is gegaan. Het doet denken aan een oude reclame waarbij een kwaliteitsmedewerker elke afzonderlijke pinda voorzag van het stempel “oké”. Hierdoor zal de belegger – achteraf, als de beleggingsopbrengsten zijn tegengevallen – makkelijker kunnen beoordelen waar het advies mogelijk toch niet volledig oké is geweest.

Doel MiFID II

In de MiFID II staat dat de wet- en regelgeving van toepassing is per 3 januari 2017, maar op voorstel van de Commissie is de toepassing met een jaar uitgesteld naar 3 januari 2018. Het doel van MiFID II is het efficiënter en transparanter maken van de Europese financiële markten en het vergroten van de bescherming van beleggers. MiFID II wijzigt bepaalde regelgeving voor beleggingsondernemingen en handelsplatformen.

Verplicht naleven Europese regels MiFID II

Nog enkele maanden en dan moeten beleggingsondernemingen, vermogensbeheerders en beleggingsadviseurs de Europese regels van de MiFID II gaan naleven. Deze regels zijn dan opgenomen in de Wet op het financieel toezicht (Wft). Veel organisaties zullen al het nodige hebben geïnvesteerd om hun systemen en procedures aan te passen. De verdergaande bescherming van beleggers zal straks ook in de praktijk moeten worden waargemaakt.

MiFID II 2017

Geschiktheidsverklaring verstrekken

Een belangrijk element hierbij is de nieuwe verplichting om bij advisering aan niet-professionele beleggers een zogenoemde geschiktheidsverklaring te verstrekken. Hiermee legt de beleggingsonderneming aan de belegger uit hoe het advies – bijvoorbeeld om aandelen X te kopen of obligaties Y te verkopen – aansluit op de voorkeuren, beleggingsdoelstellingen, risicobereidheid en de kennis en ervaring van de belegger.

Let op! De beleggingsadviseur geeft dus straks niet alleen een (geschikt) advies maar ook een gespecificeerd bewijs dat dit advies deugt. Dit moet steeds gebeuren vóórdat de geadviseerde beleggingstransactie wordt verricht.

Deze verplichting zal extra inspanningen vergen waardoor de kosten van de dienstverlening zullen stijgen. Misschien nog belangrijker is dat de adviseur voor de belegger zichtbaar vastlegt hoe hij/zij te werk is gegaan. Het doet denken aan een oude reclame waarbij een kwaliteitsmedewerker elke afzonderlijke pinda voorzag van het stempel “oké”. Hierdoor zal de belegger – achteraf, als de beleggingsopbrengsten zijn tegengevallen – makkelijker kunnen beoordelen waar het advies mogelijk toch niet volledig oké is geweest. Dat zou de opmaat kunnen zijn voor een schadeclaim.

Geen beleggingsadvies meer geven?

Het zou mij niet verbazen als beleggingsondernemingen hierdoor in sommige gevallen geen advies meer willen geven. Zij zullen dit dan wel aan de belegger duidelijk moeten maken. Anders bestaat namelijk het risico dat de belegger zal stellen dat deze de dienstverlening wel als advies heeft opgevat, met de zorgplicht (en aansprakelijkheid) die daarbij hoort. Dat zou dan wel eens heel ongeschikt kunnen blijken te zijn.