Regelgeving gebruik justitiële gegevens door politie en justitie herzien

Regelgeving gebruik justitiële gegevens door politie en justitie herzien 150 150 Ina Brouwer

De manier waarop politie en justitie omgaan met justitiële gegevens wordt herzien. Door voortschrijdende digitalisering is nieuwe regelgeving nodig om te regelen wie toegang heeft tot welke justitiële gegevens, voor welke doelen en gedurende welke periode. Het kabinet wil af van bewaartermijnen van data. In plaats daarvan moeten gebruikstermijnen komen.

Volgens minister Opstelten moet voortaan de noodzaak van gebruik van data in de regelgeving voorop staan en niet de noodzaak van bewaring ervan. Immers die laatste noodzaak volgt uit de eerste, schrijft Opstelten in een brief aan de Tweede Kamer. Afhankelijk van het doel van het gebruik moet de bewaartermijn worden bepaald, vindt hij.

Data mogen niet meer worden rondgepompt

Daarnaast mogen gegevens voortaan niet “worden rondgepompt” door organisaties. Gegevens moeten eenmalig worden vastgelegd en beheerd en van daaruit meervoudig worden gebruikt. Degene die het wil gebruiken, moet daarvoor gerechtigd zijn en de informatie ophalen uit het systeem van de eigenaar van de dataopslag. “De wet – en dus niet de eigenaar – bepaalt wie kennis mag nemen van het gegeven of document”, voegt Opstelten eraan toe.

Opstelten zegt hiermee een einde te willen maken aan “het redundant opslaan van gegevens” en het oneigenlijk gebruik van informatie. “Iedere verwerking wordt bovendien gelogd.” Opstelten zegt verder te willen werken met privacy by design. “Ik laat de mogelijkheden voor de toepassing daarvan binnen de strafrechtsketen onderzoeken.”

Medewerkers op de vingers gekeken

Medewerkers van Justitie en politie worden voortaan nauwkeuriger op de vingers gekeken in de omgang met privacygevoelige informatie. Niet alleen wordt er meer op zorgvuldigheid gehamerd, ook wordt er repressief toezicht ingesteld via audits en rapportages, onder meer door het College Bescherming Persoonsgegevens. Binnen elke organisatie komt er een Gegevensautoriteit.

De brief van Opstelten is naar aanleiding van een algehele evaluatie over twee elkaar vaak conflicterende wetten, de Wet politiegegevens en de Wet justitiële en strafvordelijke gegevens. Die wetten moeten worden gemoderniseerd en met elkaar in lijn gebracht als het gaat om de bescherming van de privacy van burgers.

Klik hier voor het hele artikel.